| NIEUWE PASSIE
Eerste paasdag eind jaren zestig. Het zal
een uur of elf zijn. Vader deelt doorslagjes uit. Hij heeft de tekst
uitgetikt en voorzien van een vertaling, zodat wij kinderen het lijdensverhaal
ook kunnen volgen. ‘O Lamm Gottes unschuldig, am Stamm des Kreuzes
geschlachtet.’ Mijn broer zijn stropdas zit scheef, maar hij merkt
mijn seintjes niet. Hij houdt wél van klassiek.
Vader heeft nu al een beetje vochtige ogen, straks zullen hem de tranen
over de wangen biggelen, en hij zal ze niet wegvegen. Ik kijk naar de
naald, hoe ver die al is. Als kant twee afslaat zal vader als elk jaar
zuchten: ‘God, wat is dit mooi…’ en krijgen we koffie
met gebak, die we in gewijde stilte zullen eten. Moeder knikt me bemoedigend
toe. Na kant drie mag ik weg, al zouden ze het fijn vinden als ik blijf
zitten, en ik zal blijven zitten want ik ben een kwezel. Buiten speelt
mijn zusje in het gras. Zij is nog klein. Voor haar is de paasvakantie
al begonnen.
‘Barrabam!’ knalt het koor en
ik haal mijn lip op, want het is Barrabas. ‘Mam? Waarom zingen
ze eigenlijk in het Duits, de bijbel is toch ook in het Nederlands?’
Een jongetje van negen leg je met een bestraffende glimlach het zwijgen
op, maar nu ben ik groot en staat er ‘zanger/vertaler van meesterwerken’
op mijn visitekaartje.
Ik scan de eerste tien pagina’s op Photoshop, veeg de tekst weg
en sla mijn bijbels open. De Statenvertaling die nog van grootvader
is geweest, de Engelse -ooit meegepikt uit een Amerikaans motel- en
Goed nieuws voor u, gekregen toen ik op kamers ging. Daarnaast een Matthäusboekje
met de Duitse tekst en een onzingbare jaren zestig vertaling. Ik zet
de lekkere langzame versie van Gonnewein op en lees de eerste regels
mee.
Kommt ihr Töchter, helft mir klagen. Hoe zat dat ook weer met die
dochters? Een oud joods gebruik. Professionele huilebalken die je kon
inhuren voor een begrafenis. Maar wie spreekt hier? En tegen wie? Tegen
ons luisteraars? Oude vertaaltruc: even overslaan. Hoe het begin wordt,
bepaal je aan het eind.
Door naar de evangelist. ‘Da Jesus diese Rede vollendet hatte…’
Welke rede? We beginnen net!
Toch eerst maar eens letterlijk. Weet wat er staat, voor je gaat veranderen.
Waar zitten de komma’s, waar breken de woorden af. Er mag geen
toon in de klem komen. Potloodstreepjes op de tellen van de maat geven
inzicht in die praatzangpartijen. Eén verkeerd accent en je kan
het speeksel uit je haar wassen. Met het toetsenbord op schoot zoek
ik de partijen uit, want alleen door alles zelf te leren zingen weet
je of een woord goed zit. Ongelooflijk, hoe alles in elkaar past, net
net anders dan je gehoor je laat denken.
Ja nicht auf das Fest, auf dass nicht ein Aufruhr werde im Volk. Op
papier een lelijke zin, maar die herhaalde woordjes ‘nicht auf
das – en auf dass nicht rollen dankzij die dubbele koren in en
onder elkaar door en dat is niet toevallig dus dat effect moet je behouden.
En met dat barokke gekwinkeleer heb je toch al een pinda-vocabulaire
ter beschikking, want je kan van zo’n lange a niet ineens een
uh maken.
Ha, daar hebben we Si-mo-nis des Aus-sä-tzi-gen. Qua lettergrepen
en klemtoon valt Simon de Melaatse af. Si-mon past wel op mo-nis, wat
leidt tot ‘Bij Simon, een le-pra-pa-tiënt’. Maar dat
klinkt als Help Simavi helpen, giro 555.
Kan die Simon er niet uit? En wat doet het er toe dat we in Bethanië
zijn? Dat Jezus onbevreesd bij leprozen over de vloer kwam, daar gaat
het om!
In het evangelie van Johannes staat dit verhaal trouwens veel spannender.
Dan giet er niet zomaar een vrouw dure zalf over zijn hoofd, maar is
het Maria Magdalena die zijn voeten wast en met haar haren droogt. En
al staat er nergens in de bijbel dat ze een hoer was, het geeft wel
diepte haar er een te laten zijn. Gebruik ik dat toch?
Nee, over Bach geen klagen, maar Mattheüs was bepaald geen Heine.
‘Die deed dit en toen zei die dat.’ Waarom moet de Evangelist
elke keer aankondigen wie er wat gaat zeggen? Dat horen we toch?
Ik pak het cd-boekje van Jesus Christ Superstar erbij. Popteksten. Beter.
Want het is knap, hoe Bach droge leestekst tot muziek omwerkte, maar
met eind-, voor- en binnen-rijm klinkt het nog veel fijner. En ik mag
Bach best helpen, hij moest uitgaan van de evangelische tekst, ik van
de muziek. Ze zoeken het maar in de bijbel op, hoor, hoe het zat met
de zonen van Zebedeüs. Ik ga de cast inkrimpen. Johann Sebastian
Superstar.
Ook die bijbelse begrippen moeten op de schop. De Mensenzoon, Erbarmen,
het Lam - buitensluitende geheimtaal voor wie er niet mee is opgegroeid.
Ik haal de kindervertelling van Anne de Vries erbij. Precies wat je
zou willen weten: waarom verraadt Judas Jezus? Waarom zijn die priesters
zo boos op Jezus, denken ze dat hij lastert of zijn ze bang voor hun
baantjes? Zo moet ik het doen.
Da ging hin der Zwölfen einer, mit Namen Judas Ischarioth
(Judas had genoeg van Jezus, sloop ’s avonds laat naar de Hoge
Raad)
zu den Hohenpriestern und sprach: (als verblind door hebzucht en haat:)
‘Was wollt ihr mir geben? Ich will ihn euch verraten’ ‘Ik
ken uw verlangen
(‘Ik ken uw verlangen, wat kan ik voor hem vangen?’)
Hm. Is die dubbele betekenis op vangen te lollig? Is dat verblind niet
wat veel? Mag de Hoge Raad? Priesterraad is zo’n struikelwoord.
Und sie boten ihm dreißig Silberlinge.
Hoeveel euro is dat? In elf lettergrepen kan ik het kwijt:
Voor de prijs van een slaaf, kocht men zijn meester.
Ja, zo gaat het werken. Nu de hoofdrol. Jezus heeft voorbeeldige teksten,
maar iemand die zichzelf zo serieus neemt, gun je wat ironie. ‘De
armen hebt gij immers altijd bij u, maar mij hebt gij niet altijd.’
Dat zeg ik, de armen lopen niet weg, maar ik neem straks de benen.
Nee, dat kan niet. Kon het maar.
Zo ploeteren we door, met de lieve heer op solder, of op z’n minst
de heilige geest want alles uit liefde voor muziek en heilige overtuiging.
Van een oud huis vervang je ook de leidingen, breekt kamers door, legt
cv aan, vernieuwt het dak en reinigt de gevel voor je er in kan wonen.
‘Een hele klus zeker?’ raadt iemand die ik van mijn Nieuwe
Passie vertel.
Ja, ik heb al zitten rekenen. Van meesterwerk tot monsterwerk. Volgens
mijn agent moet iemand van mijn kaliber 750 euro per dag vragen en zorgen
dat hij er 600 krijgt. Met een pagina per dag komt de Mattheüs
voor een vriendenprijs dan op 175 x 500 oftewel 87.500 ex btw. Waar
mag ik afrekenen?
Moedig voorwaarts. Voor ze in de kerken voor me gaan collecteren zal
ik toch eerst iets moeten kunnen laten zien.
‘Buss und Reu, Buss und Reu, knirscht das Sündenherz entzwei.’
De wuft gekapte eunuch op mijn Matthäus-dvd zou flink op zijn tuitbekje
gaan met Bont en blauw slaat mijn hart me met berouw. Maar al klinkt
het goed, het blijft koeterwaals. En wie kan wat van het vervolg bakken?
‘Daß die Tropfen meiner Zähren Angenehme Spezerei
Treuer Jesu, dir gebären
De druppels van mijn tranen? Het lijkt De Kast wel. Het hart van mijn
gevoel.
Op Internet vind ik een stukje van dichter Jan Engelman die vlak na
de tweede wereldoorlog als staatsopdracht Mattie van de gehate Duitse
taal mocht ontdoen.
Boet en Rouw
Boet, o hart aan Jezus trouw
Dat de droppels mijner tranen hem tot zachte specerij
Mij den weg naar Jezus banen.
Zo schiet je op.
En ineens valt het licht in de kamer. Als je in koralen en recitatieven
Jezus niet toezingt maar óver hem zingt, ben je die stichtelijke
U kwijt, en wordt het spannender en duidelijker. En dus ontroerender.
Want een luisteraar die zich wentelt in ‘boet en rouw’,
is mij niet liever dan iemand die gefascineerd raakt door deze volksjongen
die gelooft dat hij Christus is en het leed van de wereld op zijn schouders
neemt om de profetieën waar te maken. Ik hang een briefje boven
mijn bureau: ‘Eerder beschouwend dan betrokken.’
En glim uren later ten derde male tevreden: de martelaren in de arena
rijmt tiptop op Maria Magdalena. Dat Jezus moeder ook Maria heet is
weer zo’n fout in het script. Of is het een vondst dat moeder
en hoer dezelfde naam dragen?
Pasen 2004 staat de Dom in Utrecht 750 jaar en daar moet de Nederlandse
Mattheüs voor het eerst klinken. Als God het wil, zit mijn vader
op de eerste rij. En houdt mijn moeder in de hemel de Duitse tekst ernaast
of ik niets heb gemist.
En ik zal mijn ogen sluiten, heb geen tekst of muziekboekjes meer nodig.
En als het koor van twee kanten brult: ‘Barrabas!’ trek
ik tevreden mijn mond, want het scheelt maar een letter, en toch is
het een openbaring.
Terug naar de Nieuwsrubriek |