Weetjes en Watjes over "Ja, ik wil!"

Schumann gebruikt vooral veel zwarte tonen, omdat die zachter en vrouwelijker zouden zijn.

1. Un bel di vedremo. Als je wilt bewijzen dat meesterwerken ook maar gewoon liedjes zijn, dan maar meteen in het diepe. De andere liederen waren al uitgezocht toen ik nog een voorspel wou. In Madama Butterfly weet je bij deze aria wel dat de geliefde niet (meer) komt opdagen, maar het geloof in een happy end, daar gaat het om.

Trefwoorden als rook, schip (jacht) en droom heb ik aangehouden, het kanon werd een hartslag en de heuvel een touwladder. Tijdens het oefenen telkens Maria Callas op de koptelefoon. Wat een verdriet. Puccini leed sterk onder het fluitconcert na de première. Zou hij mijn applaus wel hebben geapprecieerd?

2. Begin van de cyclus Frauenliebe und Leben van Robert Schumann uit 1840. Die hij op muziek zette vol verliefdheid voor de 17jarige pianovirtuoze Clara Wieck, de latere mevrouw Schumann. Elke muziekprofessor kan vertellen dat het intro terugkomt aan het eind, of leven en dood zijn verbonden. Als bij alles vertaald naar de geest, niet naar de letter.

3. Zurga en Nadir, de Parelvissers van Bizet zijn verliefd op dezelfde vrouw Leila. In het beroemde duet onderkennen ze het gevaar voor hun vriendschap en zweren haar beiden af. "Maar dat gaat zomaar niet…" zult u denken en zo is het ook, anders kreeg je nooit een libretto. In Romance de Nadir droomt hij weg bij de gedachte aan dat eerste moment, dat de wind de sluier van Leila optilde. Omdat mijn meisje weinig sluiers draagt, heb ik er maar een visioen van gemaakt. Tijdens plaspauzes in de studio zongen Jakob en ik bijna overal tweede en derde stemmen. Bij deze hebben we ze maar eens laten staan.

4. "Höre nicht mein stilles Beten, Deinem Glück nur geweiht/ darfst mich, nied're magd, nicht kennen, Hoher Stern der Herrlichkeit." Het is een bijzonder onderdanig vrouwtje in de echte teksten. Zo worden ze gelukkig niet meer gemaakt.

5. Oom Schubert schreef maar liefst drie liedjes die 'Die Sterne' heten. In vergelijking met oom Schumann vind ik er veel minder aan. Ik had er al 70 liedjes doorgedraaid voor deze uit de boxen spatte. Wauw, het leek wel reggae! Het origineel gaat over de sterren die ons begeleiden door het woeste land, maar daar hebben we nu koplampen voor.

Het zal vast al eens bedacht zijn, maar een ster die een wens hoort en zich opoffert - ik zat te glunderen op dat muurtje toen ik het bedacht. Inmiddels ligt op mijn bureau al een tijdje de Winterreise klaar. Ik denk niet dat ik er met mijn fikken vanaf kan blijven.

6. Engelse woorden in een Hollandse tekst mogen bijna nooit. Maar het lijkt wel of de muziek voor candid camera is gemaakt. Echt een voordeel. Schumann moest het doen met affe teksten, ik kon van de muziek uitgaan. Samenwerken met de doden. Ze protesteren niet en over geld en rechten zeuren ze niet.

7. Van de ene dag op de andere werd Erik Satie van kapelmeester bij de rozenkruisers, cabaretpianist (caf'conc). Je te veux schreef hij voor de plaatselijke walskoningin, al bestaat er ook een manlijke versie van het gedicht, evenzeer vol bombast en passie, draaiend om dezelfde hofmakerij: je te veux, ik wil jou.

Dat 'ik' in het Frans 'je' is, blijft grappig, dus heb ik mijzelf voor de spiegel gezet. Ook omdat ik zo dikwijls met mezelf beraadslaag. Eindhalte "Uit Elkaar" gaat verder waar Tramlijn Begeerte keert.

8. "Versje vier is echt iets voor jou!" Zo stuurde mijn vriend B. jaren terug mij mijn eerste Frauenliebe, gezongen door Kathleen Ferrier. Dat ik zijn raad letterlijk heb genomen, is voor dit conservatoriumklantje niet altijd een genoegen. "Ja, ik weet niet… Zo is het niet bedoeld…" Maar je mag Shakespeare toch ook bewerken?

9. Ik had als kind zo'n 10 inch plaat waarop -ik meen Mies Bouhuys- over het leven van Chopin vertelde, en zij met warme stem sprak over de nacht dat Warschau in brand stond, waarop een mazurka klonk vol heimwee naar het Poolse moederland. Chopin hechtte niet veel waarde aan de liedkunst, al was Schubert ook tot Parijs doorgedrongen.

Het origineel maakt maar twee rondjes, maar omdat het echte gedicht vier coupletten telde en ik geen genoeg van dat wijsje kon krijgen hebben wij het op repeat gezet. Van Dumka had ik geen partituur, misschien dat bij ons daarom het ritmisch accent op de 2e en 3e noot mist.

10. De tekst van Rückert had ik zelf al op mijn vorige cd gebruikt. Ik kende Mahlers versie wel, maar wist niet dat ik dat ook kon zingen. "In elke uitvoering moet het werk opnieuw geboren worden," sprak de meester ooit. Om per coupletje melodie en akkoorden te veranderen was nieuw in die tijd. Die kleine pauzes steeds na vijf liedjes heb ik zelf steeds even nodig om op adem te komen. Zou bij meer artiesten aanbeveling genieten. Net als het verwijderen van dat geadem. Het happen naar lucht is geen muziek.

11. Aber euch Schwestern, gruss ich mit Wehmut, freudig scheidend aus eurer Schar. Mijn 'vriendinnen' zaten in de kroeg, vandaar. Het voordeel van die eigen teksten is ook dat ik gebonden noten door aparte lettergrepen kon vervangen. Zing zoals je praat, nietwaar, en zo praat je niet. En ook zo'n drukke start: helft mir, ihr schwestern, freundlich mich schmücken.

12 Henri Duparc maakte na een zenuwverlamming de tweede helft van zijn leven niets meer en het meeste uit de eerste helft had hij vernietigd. l' Invité au voyage stond meteen al op de rol. Volgens de oude Caspar Höweler in zijn standaardwerk XYZ der muziek is de oorspronkelijke tekst van Baudelaire een hymne op Amsterdam, maar volgens mij op een stad als Tanger, na een pijpje van het een of ander. In ieder geval spreekt het van bootjes en kanalen.

Toen ik bedacht dat ik vorig jaar vlak langs Venetie kwam maar besloot het voor de Ware te bewaren, wist ik waar de uitnodig naar toe was! In het tweede - door Duparc niet gebruikte couplet - bejubelt hij het oude hotel, dus dat heb ik maar in ere hersteld en de gesloten brug waarvoor alle paartjes poseren kon ik niet laten zuchten. La… dans une cite schreeuwde om "ja, in een stad…" en waar de meeste zangers het pianissimo aan het slot negeren kon ik mooi mijn meisje het jawoord laten geven, waar ik dat het eerste refrein had mogen doen.

Die rosé is niet alleen voor de rijm. Wij vinden het allebei lekkerder dan champagne. En die boot in goud en blauw was ook geen toeval.

13. Car nou nous en allons comme s'en va cette onde/ Elle à la mer, nous au tombeau. Claude Debussy was dol op poëzie, maar vond jammergenoeg al vroeg dat zijn muziek voor zichzelf moest spreken en schreef alleen in zijn jeugd en vlak voor zijn dood liederen. Ik kende alleen Beau Soir, maar heb inmiddels een boek met 43 stukken, dus wie weet. Ik fiets bijna elke dag langs de magere brug en vind dat verreweg het mooiste stukje Amsterdam. En zo heeft meneer Höweler toch nog zijn rivier.

14. B/Ik heb er weken over gedaan voor deze melodie bij me binnenkwam. Vreemd genoeg is er daarna niets ingewikkelds meer aan. Ik mag het van mijn conservatorium-broers niet zeggen, maar als mensen door mij makkelijker naar klassiek kunnen luisteren, zou ik dat heerlijk vinden.

15. Joseph Canteloube is de jongste van de componisten hier. Hij stierf een maand voor mijn geboorte. Werd vooral beroemd om zijn bewerkingen van volksliedjes. Mijn eerste bewerking ging zo: Dat klopt, pop, dit is een mopje uit de Auvergne/ "O up!" was top of the pops in 1910/ Het gaat over een vogel, chanter le coucou/ Hier wordt het een hop, maar dat doet er niet toe."

In het Franse gedichtje jagen de mannen uit het dorp vergeefs op de koekoek omdat hij zoveel lawaai maakt. Bij mij ging het om de hop die niet zingen kon, maar van een meisje uit mooie meisjesland zangzaad en wijsjes kreeg: "De merel en de lijster waren verbijsterd/ Zeg kerel, hop, hou op of je gaat in de vla/ De haan kraaide "verdorie!", zo niet de nachtegaal/ Die zei: "Hop zij de glorie, hij zingt z'n eigen taal." Leuk, maar ook raar me al te verdedigen terwijl ik (nog) niet aangevallen werd. Bovendien viel het buiten het verhaal.

De inval Shakespeare op "geen Getemde Feeks hier" te laten rijmen komt van Pieter Goemans op het onbekend gebleven singletje Romeo en Julia van the Neighbours, uitgebracht op het Delta-label.

16. "O wie bedauer ich doch den Mann, der Mutterglück nicht fühlen kann." In de bio voor het nieuwe seizoen had ik het al brutaal gezet: pasgetrouwd en aanstaand vader, dus kon ik niet terugkrabbelen. Toen ik het inzong was mijn meisje net twee weken over tijd , maar "Al die cliché's zijn allemaal waar," heb ik zo vaak van verse vaders dat ik het me zo al kon voorstellen.

17. In het orgineel sterft de geliefde ook werkelijk. Ik heb er toch maar een droom van gemaakt. Je moet het lot niet tarten. En de bedoeling van het eindspel, waarin de weduwe troost vindt in de gedachte aan hun ontmoeting - diverse motiefjes komen terug - blijft overeind.

En het is minder ingrijpend dan wat Schumann deed met de tekst van Chamisso, want hij schrapte het slotgedicht waarin de dan oude vrouw converseert met haar kleinkind, een tevreden terugblik op haar leven. In andere vorm is die er nu weer aangekomen met Im Abendrot.

18. Hoe kleurrijk was ons leven, nu staan we avondrood... Toen ik besloot op deze cd ook echt mijn favoriete liederen te bewerken kon ik niet meer om Im Abendrot heen, De laatste van Strauss' Vier Letzten Lieder, sinds de eerste keer dat ik het hoorde geldt het als het mooiste lied dat ik ooit hoorde. Hoe vaak heb ik het niet 's nachts bij thuiskomst nog opgezet, alleen of met z'n tweeen maar altijd met het licht uit. Die twee violen als leeuweriken die aan het eind weer opduiken! In het origineel het nieuwe leven na de winter/dood (denk ik). Bij mij nog iets sentimenteler.

We zaten in bad, Elizabeth Schwarzkopf schalde tegen de tegels en ik zag ons lopen, door de sneeuw. Ik al in de tachtig, een wollen mutsje op een wijze kop van leer, en dat ik niet meer kon. Want wie zegt: tot de dood ons scheidt, moet de consequenties aanvaarden. Het einddoel. Ik heb over datzelfde visioen nog een tekst gemaakt , die met een beetje mazzel op een volgende cd van Boudewijn de Groot komt. Met zijn muziek eronder.

19. Ook deze tekst van ruckert had ik vroeger al eens bewerkt (Mijn kleine paleis - cd Koning Jan). Nu mocht ik mij wagen aan Mahlers mooiste lied. "Ik dans nu thuis op geitenwollen sokken…" Het is toch wat. Mahler heeft hetzelfde thema ook in het adagietto van de vijfde symphonie gebruikt.

20. Het klaaglied van koningin Dido van carthago. Op Van Rot Los stond hij al in de pianoversie, nu met strijkers, die zonder vibrato zagen, zoals dat in die tijd gebruikelijk was. Over de muziek op mijn begrafenis hoeven ze niet meer na te denken.

Terug